Hij richtte zijn aangezicht naar Jeruzalem(Lucas 9 vs. 51).thniemeijer

Deze woorden vinden we kort na de verheerlijking van de Here Jezus op de berg. De Here Jezus had Petrus, Johannes en Jakobus meegenomen de berg op om daar tijd te nemen voor gebed. Terwijl Hij in gebed was veranderde zijn aangezicht, en zijn kleed werd ineens stralend wit. Terwijl de Here Jezus zo verheerlijkt was, verschenen Hem Mozes en Elia die met Hem spraken. Wat wonderlijk: Mozes was al 1300 jaar geleden en Elia zo'n 850 jaar voor de geboorte van Christus gestorven en nu, na al die jaren, verschijnen ze herkenbaar aan de Here Jezus!

Deze gebeurtenis maakte zo veel indruk op Petrus, dat hij later, vlak voor zijn sterven, hierover in zijn tweede brief schreef: 'Wij zijn ooggetuigen van zijn majesteit geweest. Want Hij heeft van God de Vader, eer en heerlijkheid ontvangen, toen zulk een stem van de hoogwaardige heerlijkheid tot Hem kwam: Deze is mijn Zoon, mijn geliefde, in wie Ik mijn welbehagen heb. En deze stem hebben ook wij uit de hemel horen komen, toen wij met Hem op de heilige berg waren' (2 Petrus 1 vs. 16-18). Met dit getuigenis liet Petrus weten dat ze niet zomaar een fabeltje of een verhaaltje navolgden, maar dat de boodschap van het evangelie op waarheid en werkelijkheid berust. Ze hebben het met hun eigen ogen gezien en met hun eigen oren gehoord! Later schrijft Johannes hierover: 'Hetgeen wij gehoord hebben, hetgeen wij gezien hebben met onze eigen ogen, hetgeen wij aanschouwd hebben en onze handen getast hebben van het Woord des Levens - het leven toch is geopenbaard en wij hebben gezien en getuigen en verkondigen u het eeuwige leven dat bij de Vader was en aan ons geopenbaard is ' (1 Johannes 1 vs.v1-2. Voor de apostelen was het evangelie geen fictie, maar werkelijkheid.

Mozes en Elia spraken met de Here Jezus over zijn 'uitgang, die Hij in Jeruzalem zou volbrengen'. In Jeruzalem zou de ware en uiteindelijke exodus plaatsvinden. In Egypte werd het Pascha gevierd en hiermee de Exodus voorbereid. Dit Pascha, dat toen onder de leiding van Mozes gevierd werd, getuigde van het uiteindelijke Pascha dat zo'n 1300 jaar later in Jeruzalem gevierd zou worden. Elke Pascha viering was uiteindelijk een schaduw van de werkelijkheid, die in Christus vervuld zou worden (Kolossenzen 2 vs. 16-17). Nu was het voor Mozes en Elia zo ver, dat de verlossing ook voor hen werkelijkheid zou worden. Hoewel Mozes en Elia de Here in hun leven gediend hebben, wachtten zij, met alle Oud Testamentische gelovigen, nog op hun exodus. Voor hen vond deze exodus plaats, toen de Here Jezus voor hen als Paaslam aan het kruis stierf. In Efeziërs 4 vs. 8 lezen we dat de Here Jezus vanuit het dodenrijk alle krijgsgevangenen mee voerde naar de hoogte. In het sterven van de Here Jezus werden alle Oud Testamentische gelovigen vanuit het dodenrijk naar het hemels paradijs verplaatst. Wat een exodus zal dat geweest zijn, waarbij de dood deze gelovigen los moest laten, omdat de Here Jezus de dood overwonnen had aan het kruis!

Na deze ontmoeting met Mozes en Elia en nadat Hij de stem van zijn Vader gehoord had: ' Deze is mijn Zoon, de uitverkorene, hoort naar Hem', kon de Here Jezus niet anders, dan zijn aangezicht naar Jeruzalem richten. Niemand kon Hem hier nog vanaf houden, Hij moest en zou naar Jeruzalem om daar de exodus te vervullen. Vanaf dat moment begon Hij zijn discipelen te tonen, dat hij naar Jeruzalem moest gaan om daar te lijden, te sterven, maar ook na drie dagen uit de doden op te staan. Toen de Here Jezus dit voor de derde keer aan zijn apostelen duidelijk wilde maken: Zie, wij gaan op naar Jeruzalem, en al wat door de profeten geschreven is, zal aan de Zoon des Mensen volbracht worden. Want Hij zal overgeleverd worden aan de heidenen en bespot en gesmaad en bespuwd worden, en zij zullen Hem geselen en doden, en ten derde dage zal Hij opstaan' (Lucas 18 vs. 31-33), begrepen zij hier helemaal niets van: 'En zij begrepen niets van deze dingen en dit woord bleef hen duister en zij wisten niet, waarvan gesproken werd' (vs. 34).

Voor velen is het lijden, sterven en de opstanding van de Here Jezus nog steeds duister. Ze kunnen er vaak geen kant mee op en voor hen blijft deze belangrijkste gebeurtenis uit de menselijke geschiedenis een 'dwaasheid' 1 Korinthiërs 1 vs. 18).

Maar wat betekent dit alles voor u, voor jou? Misschien ben je al wel zo gewend aan deze gebeurtenis, dat de ware betekenis je steeds meer ontgaat en steeds minder zegt. In deze lijdensweken willen we opnieuw stil staan bij wat de Here Jezus aan het kruis volbracht heeft. Neem de tijd om eens rustig de hele lijdensgeschiedenis van de Here Jezus te lezen en geef de Heilige Geest daarmee de ruimte om hierin opnieuw tot ons hart te spreken.

Zo mogen we ons voorbereiden op Goede Vrijdag, waarop we als gemeente samenkomen om over zijn lijden en sterven na te denken. Wanneer dit ten volle tot ons doordringt, wordt de vreugde van de Paasmorgen alleen nog maar groter! Dan kunnen we met overtuiging zingen: 'Daar juicht een toon, daar klinkt een stem, die galmt door gans Jeruzalem (Enschede). Een heerlijk morgenlicht breekt aan, de Zoon van God is opgestaan'.

Van harte wens ik u goede en inspirerende lijdensweken toe met daaropvolgend een heerlijk Paasfeest.

Een hartelijke groet van uw voorganger,

Th. Niemeijer