De nagedachtenis aan Charles Haddon Spurgeon wordt gekoesterd door vele christenen van de afgelopen 100 jaar. Vele christelijke leiders beschouwen hem als de grootste prediker die Engeland ooit heeft gehad. Hij is voornamelijk 'de Prins der Predikers' genoemd. Meer dan 63 boekwerken zijn gepubliceerd van zijn preken en deze getuigen nog steeds van de rijkdom en het succes van zijn bediening. Ook al was hij bekend als een grote prediker, het was niet de prediking die hem groot maakte. Spurgeon zei regelmatig dat het succes van zijn bediening lag in de getrouwe gebeden van zijn gemeente. " Wanneer er gasten langs kwamen om zijn kerk te bekijken, leidde hij ze naar de kelder, de gebedskamer waar altijd mensen op hun knieën waren in voorbede. Dan zei Spurgeon "dit is de krachtbron van deze gemeente".


Spurgeon vertelt in zijn autobiografie hoe dankbaar hij is voor de zegening van zo'n biddende gemeente. "Ik geef altijd aan God de eer, maar vergeet niet dat Hij mij het voorrecht gaf om te dienen in het midden van zulke biddende mensen. We hadden gebedssamenkomsten die onze zielen bewogen en een ieder leek vast beraden om de gouden stad te bestormen met machtige voorbede." Spurgeon beschouwde de gebedssamenkomst als de geestelijke thermometer van een gemeente. De gebedssamenkomst op maandagavond was een wereldwijd getuigenis voor vele jaren. Elke maandagavond lag de vloer vol met mensen in oprechte en vurige voorbede.

"In Spurgeons ogen was de gebedssamenkomst de meest belangrijke samenkomst van de hele week." Het is hier waar vele mensen in conflict komen met Spurgeon. We houden van onze samenkomsten van prediking en lofprijs, maar negeren - droevig genoeg - de gebedssamenkomst. Eén van Spurgeons grootste zorgen was om zijn mensen werkelijk te leren bidden. "Hij onderwees zijn mensen om te bidden. Dit gebeurde meer door zijn voorbeeld dan door zijn prediking. Mensen hoorden hem bidden met zo'n realiteit dat ze beschaamd werden van hun herhaling van woorden." Door zijn hele bediening verklaarden velen dat ze geraakt werden door zijn preken, maar nog meer door zijn gebeden. Aan D.L. Moody werd na zijn eerste bezoek aan Engeland  gevraagd of hij Spurgeon had horen prediken. Hij zei: "Ja, maar het is nog indrukwekkender dat ik hem heb horen bidden." Een dierbare vriend van Spurgeon zei over zijn gebedsleven: "Zijn publieke gebeden waren een inspiratiebron, maar zijn gebeden met familie waren nog meer bijzonder. Als Spurgeon zijn hoofd boog voor God tijdens een familiegebed, leek hij nog een grotere man dan wanneer duizenden mensen onder zijn gehoor zaten."

Spurgeon erkende dat de grootste nood van de gemeente niet was een 'prins der predikers' te hebben, maar om meer prinsen van gebed te hebben. Eén van zijn gepubliceerde preken geeft  zijn gevoelens aan. Er staat: "Zal ik je nog een andere reden geven om te bidden? Ik heb mijn hele hart uitgestort in de prediking. Ik kan niet meer zeggen dan dat ik gezegd heb. Zullen jullie gebeden niet bereiken wat mijn prediking niet kan doen? Het lijkt erop dat de kerk zijn predikende hand heeft uitgestoken, maar niet zijn gebedshand. O lieve vrienden! Laat ons in gebed worstelen..."

Er zijn veel verhalen de laatste tijd die gaan over allerlei kleine 'opwekkingen' die plaatsvinden. Velen zeggen dat ze een verlangen hebben naar een opwekking in hun eigen lokale gemeente en hun eigen steden. Maar is nog steeds de gebedssamenkomst het meest genegeerd? Als Jezus Christus vandaag tot ons zou komen in ware opwekkingskracht, hoe zou zo'n zegen behouden kunnen worden als er geen fundament ligt van gebed? Om alleen maar woorden te spreken over opwekking en niet onze knieën te buigen hiervoor is hypocriet! Het is tijd om de gebedssamenkomst net zo druk te bezoeken als onze favoriete prediker en onze aanbiddingsamenkomsten. Het is alleen dan - en ook echt alleen dan - dat er een ware opwekking zal komen met blijvende kracht. Laat ons de gebedssamenkomst behandelen als de belangrijkste samenkomst, net zoals Spurgeon deed!

Ingezonden